Voorspellingen zijn goedkoop. Wereldtitels winnen niet. Toch geven bookmakers, statistische modellen en voetbalanalisten een redelijk betrouwbaar beeld van de krachtsverhoudingen voorafgaand aan het WK 2026 in de Verenigde Staten, Canada en Mexico. Wie alle signalen naast elkaar legt, ziet één opvallende conclusie: Spanje staat momenteel bovenaan vrijwel iedere lijst.

Dat is geen toeval. Spanje combineert iets wat weinig landen bezitten: een jonge generatie wereldtoppers én een speelstijl die al bewezen heeft prijzen op te leveren. Met spelers als Lamine Yamal, Pedri, Rodri en Nico Williams beschikt het land over techniek, snelheid en diepgang. De bookmakers geven Spanje daarom de laagste quoteringen, wat betekent dat zij de grootste kans op de wereldtitel krijgen toegedicht.

Toch zou ik mijn geld niet zonder nadenken op Spanje zetten.

Frankrijk blijft voor mij de gevaarlijkste tegenstander. Geen enkel land beschikt over zoveel internationale topvoetballers. De selectie zit vol spelers die bij de grootste clubs ter wereld actief zijn. Bovendien heeft Frankrijk een traditie ontwikkeld van structureel presteren op eindtoernooien. Sinds 2018 bereikten de Fransen een wereldtitel en een WK-finale. Dat is geen toeval meer, maar een systeem.

Daarachter volgt een groep landen die allemaal kampioen kunnen worden, maar waarbij telkens een vraagteken bestaat.

Engeland beschikt over een indrukwekkende selectie, maar heeft al tientallen jaren moeite om verwachtingen om te zetten in prijzen. Brazilië heeft nog steeds een overvloed aan talent, maar mist soms de defensieve stabiliteit die nodig is om zeven wedstrijden achter elkaar op het hoogste niveau te overleven. Argentinië heeft de ervaring van een regerend wereldkampioen, maar de gouden generatie rond Lionel Messi nadert het einde van haar tijdperk.

Interessant zijn de outsiders. Portugal beschikt over uitzonderlijke individuele kwaliteit. Duitsland lijkt na enkele magere jaren weer in opbouw. Marokko, Colombia, Japan en Noorwegen worden door verschillende analisten genoemd als landen die voor verrassingen kunnen zorgen. Maar wereldkampioen worden is iets anders dan een mooie kwart- of halve finale halen. De geschiedenis is meedogenloos: slechts acht landen hebben ooit het WK gewonnen. Nieuwe kampioenen verschijnen zelden.

Daarom kom ik uit bij een simpele afweging. Een wereldkampioen moet beschikken over vier eigenschappen: kwaliteit, diepte in de selectie, ervaring onder druk en een gunstige leeftijdsopbouw. Spanje en Frankrijk voldoen aan alle vier. Engeland, Brazilië en Argentinië scoren hoog op drie van de vier.

Mijn voorspelling:

  1. Spanje

  2. Frankrijk

  3. Brazilië

  4. Argentinië

Als ik vandaag één land moet aanwijzen dat op 19 juli 2026 de wereldbeker omhoog houdt, kies ik voor Spanje. Niet omdat het gegarandeerd gebeurt, maar omdat geen enkel ander land momenteel zo'n complete combinatie heeft van talent, vorm, tactische volwassenheid en selectiebreedte. Zelfs de bookmakers zijn het daar grotendeels over eens.

Voetbal blijft echter de sport waarin één rode kaart, één blessure of één strafschoppenserie maanden aan analyses waardeloos kan maken. Dat is precies waarom het WK het grootste sportevenement ter wereld blijft. Wat logisch lijkt in juni, kan in juli volledig anders zijn.