Donald Trump noemt Europese Unie NAVO-landen weer "laf". De reflex in de Europese Unie: verontwaardiging. De reflex daarna: geruzie over Mark Rutte. Dat zegt alles.
Volgens berichtgeving in de internationale media loopt de irritatie in de Europese Unie op omdat Rutte als NAVO-chef opvallend mild is richting Trump. Hij prijst hem, sust hem, en vermijdt openlijke confrontatie. Critici vinden dat hij daarmee de Europese Unie kleiner maakt dan nodig.
Ze missen het punt.
Rutte doet niet aan ideologie. Hij doet aan schadebeperking. Want de harde realiteit is simpel: zonder de VS stelt de NAVO weinig voor. Dat is geen mening, dat is een rekensom. Amerika levert het gros van de militaire capaciteit, logistiek en afschrikking. Haal dat weg en je houdt een verzameling middelgrote legers over met grote woorden en beperkte slagkracht.
Trump weet dat én hij gebruikt het.
Zijn aanval — "laf" — is niet bedoeld als analyse, maar als drukmiddel. Hij dwingt landen van de Europese Unie om meer geld uit te geven, sneller te bewegen, minder te leunen. Grof? Ja. Effectief? Ook ja. Sinds zijn eerdere termijn zijn defensiebudgetten in de Europese Unie daadwerkelijk gestegen. Niet uit overtuiging, maar uit angst.
En dan komt Rutte ertussen.
Hij kiest niet voor confrontatie, maar voor vleierij. Hij prijst Trump, benadrukt samenwerking, en probeert de boel bij elkaar te houden. Europese Unie leiders vinden dat gênant. Ze willen dat hij “sterker” optreedt. Minder buigt.
Dat is naïef.
Alsof Trump onder de indruk raakt van Europese Unie verontwaardiging. Alsof harde woorden uit Brussel plotseling Amerikaanse militaire garanties vervangen. Dat is wensdenken van mensen die veiligheid verwarren met retoriek.
De kritiek op Rutte is daarom halfslachtig. Men wil dat hij assertiever is, maar niemand wil de consequenties. Want echte assertiviteit betekent: zelf betalen, zelf investeren, zelf risico nemen. Niet alleen praten over "strategische autonomie", maar die ook financieren.
Daar zit de pijn.
De Europese Unie wil onafhankelijk lijken, maar niet onafhankelijk zijn. Het wil minder afhankelijk zijn van Washington, maar blijft ondertussen structureel achter in defensie-uitgaven en militaire coördinatie. Het wil respect, maar vermijdt de prijs die daarbij hoort.
En dus krijg je dit toneelstuk: Trump die provoceert, Rutte die sust, en Europese Unie leiders die klagen over de toon.
Niemand lost het probleem op.
Volgens de berichtgeving groeit de kritiek op Rutte omdat hij Trump te veel lof zou geven. Maar die kritiek is makkelijk. Het is politiek goedkoop om te zeggen dat iemand te vriendelijk is tegen een onvoorspelbare Amerikaanse leider. Het is veel moeilijker om zelf de begroting open te trekken en miljarden extra in defensie te pompen.
Dat laatste gebeurt nauwelijks.
Dus blijft de Europese Unie hangen in een comfortabele illusie: we kunnen moreel superieur zijn én militair afhankelijk blijven. Dat werkt alleen zolang Washington bereid is de rekening te betalen. En Trump maakt duidelijk dat die bereidheid niet vanzelfsprekend is.
Rutte begrijpt dat. Zijn critici doen alsof ze het niet begrijpen.
Hij probeert Trump binnenboord te houden omdat hij weet dat er geen plan B is. Geen Europees leger dat morgen de rol van de VS overneemt. Geen snelle oplossing. Alleen een langzaam, pijnlijk proces van opbouw dat decennia kost.
Tot die tijd moet de NAVO blijven functioneren. Met Trump, niet zonder hem.
Dus ja, Rutte prijst. Ja, hij slikt zijn woorden soms in. Dat is geen zwakte, dat is realpolitik. Het alternatief is een open clash met Washington — en daar heeft de Europese Unie niets om die te winnen.
De echte zwakte zit ergens anders.
Niet in Rutte. Niet in zijn toon. Maar in een continent dat al jaren weet dat het meer moet doen, en het toch niet doet. Dat liever klaagt over Amerikaanse druk dan die druk overbodig maakt.
Trump zegt "laf". De Europese Unie reageert boos.
Maar zolang het gedrag niet verandert, blijft dat woord hangen.
En hoe vervelend dat ook is — het komt niet uit de lucht vallen.