Las Vegas, dé plaats waar je normaliter een weekend met je schoonmoeder vermijdt, maar waar je wél met je schoonmoeder naar toe gaat als er gratis koffie en neonlichten zijn. Dit jaar trok de razend populaire Consumer Electronics Show (CES) weer duizenden techjunkies, gadgets en zelfverklaarde futuristen aan — én een flinke delegatie Nederlanders. Want wie zegt dat je op een beurs alleen gadgets mag showen, heeft nog nooit een oranje stand gezien en een Amerikaan horen juichen: "This could stop AI porn!"
Ja ja, Nederland op z'n best: niet lullen, maar poetsen uitvinden — en dat met een oranje tapijt dat tegen het felle Vegas-licht aanknokt als een zonnebrandcrème voor bange Hollanders. Ruim veertig startups en scale-ups stonden pal naast projecten uit landen die normaal gesproken alleen opvallen met enorme vlaggen, drones en robot-cocktails.
Maar wat trok die Amerikanen nu precies zo lyrisch aan? Oh ja — dat met dat AI-pornostopding. Want terwijl sommige Amerikaanse bezoekers instortten van enthousiasme bij een VR-bril die een virtuele pokeravond extra spannend maakte, stonden ze ineens voor een Nederlandse stand die juist zei: "Stop dat gekke gedoe met deepfakes!" en een AI-anti-pornobeeld-detector demonstreerde. "This can stop AI porn!" klonk het — alsof de Nederlandse ondernemer net een vredesverdrag voor de digitale wereld had getekend.
Het is natuurlijk typisch Nederlands: terwijl de rest van de beurs huppelt van gadget naar gadget — van de opvouwbare hoverboard-fiets tot de smart-koelkast die je partner betrapt als hij in het holst van de nachts ijs eet — staan onze landgenoten daar met praktische oplossingen voor echte problemen. Geen pratende frituurpan met Bluetooth-connectivity of slippers met ingebouwde Google Assistant, maar echte spullen die mensen kunnen helpen. Denk aan licht dat gezond is in plaats van gewoon fel, sensoren die medische data verzamelen zoals een Fitbit op steroïden, of ANC-technologie die je raam verandert in een soort geluidsdichte bubbel zodat je buren niet langer klinken als een metalband in een wasstraat.
In de Amerikaanse reacties klonk het soms alsof ze dachten dat Nederland enkel tulpen en klompen naar Vegas had gebracht — totdat ze ontdekten dat die tulpen eigenlijk een hypermoderne luchtreiniger zijn en die klompen permanente geluidsisolatie hebben. Plots stond daar een Delftse ondernemer uit te leggen hoe hij het lawaai van buren en sirenes kan wegfilteren, waarna een Amerikaanse techblogger mompelde: "Wait, so it blocks sirens too? I can still hear Elvis impersonators, right?" — want zo werkt Vegas natuurlijk.
Toch is er ook echte trots in het Nederlandse kamp. Want serieus: op een beurs waar je normaal enkel pratende koelers en robotstofzuigers ziet die meer kunnen dan stofzuigen, scoren Nederlandse innovaties punten voor nuchterheid. Gezondheid boven gekte — dat is de stille slogan van de Nederlandse delegatie. Geen AI-ondergoed met GPS-tracking (hoewel dat vast een markt heeft), maar tools die écht mensen helpen en misschien zelfs die vervelende digital porn-epidemie een halt toeroepen.
En eerlijk is eerlijk: het werkt. Amerikaanse bezoekers kwamen massaal langs, met open monden, blije gezichten en soms een sjieke Vegas-accentmix van "This is really something" en "Where can I invest?" Want in de VS draait alles om scaling, disrupting en funding, en als je daar iets slimmer of nuttiger kunt maken dan een robotcocktail, dan mag je rekenen op aandacht.
Als toeschouwer was het bijna verleidelijk om zelf een startup op te richten: Dertig seconden sneller koffiezetten dan de concurrentie! Of App die je kat leert programmeren! Misschien een AI-gestuurde krokettenserveerder! Vegas, als Silicon Valley op steroïden, maakt je gek, dromerig en vooral: creatief. Maar de Nederlanders staan daar met hun oranje shirts als een soort kosmische walnoot — klein, voedzaam en onverwacht geliefd.
Dus ja, Amerikanen lyrisch over Nederlandse ondernemers? Absoluut. Niet omdat we de luidste lichten of de grootste vlag hebben, maar omdat we slim, praktisch en een tikje eigenzinnig zijn geweest — net genoeg om te imponeren, maar niet genoeg om iemand te laten denken dat we echt verstand hebben van pokerautomaten. Amerikaanse investeerders zullen nog lang praten over dat Hollandse paviljoen — en misschien over dat AI-pornostopding. Want zeg nou zelf: als Nederland de wereld kan redden, lawaai en zelfs AI-porno kan temmen, wat kunnen we dan níet?