Je zou kunnen zeggen dat Iraniërs tegenwoordig niet alleen hun vrijheid najagen, maar ook hun nachtrust. Terwijl de rest van Europa zucht om een extra uur slaap of een nieuwe serie, trekken miljoenen in Iran hun warmste schoenen aan, drukken hun protestborden stevig vast en marcheren ze letterlijk tegen de fundamenten van het islamisme. Of zoals een scherpzinnige columnist laatst schreef: "Iraniërs brengen nu een groot offer voor vrijheid; daarmee begint het einde van het islamisme."
Laten we met de feiten beginnen — want humor kan een scherpe spiegel zijn, maar hij moet wel goed geveegd zijn. De protesten, die eind december 2025 begonnen, zijn uitgegroeid tot de grootste onrust sinds de Mahsa Amini-protesten van 2022. Wat begon als gejammer over stijgende prijzen en een ingestorte valuta, heeft zich ontpopt tot een massabeweging die alle 31 provincies van Iran lijkt te omvatten.
En ja, dit gaat serieus: mensen worden doodgeschoten, er zijn duizenden arrestaties en een bijna totale internet- en communicatiestilstand — alsof Iran dacht dat ghost mode zinvol zou zijn tijdens een politieke crisis. De wereld keek perplex toe, alsof het een nieuwe Netflix-serie was getiteld "Revolutie zonder Wi-Fi."
Nu hoor ik je denken: “Einde van het islamisme?” Heel even ademhalen voordat we het beestje bij zijn naam noemen. Het islamisme — in de context van het huidige Iraanse regime — combineert religieuze doctrine met politieke macht. Het klinkt misschien mysterieus, maar praktisch komt het neer op: "religieus recht regeert de staat, en kritiek die daartegen ingaat, is alsof je klaagt over de magnetron terwijl de koelkast in brand staat." Wat wij nu zien is een protestbeweging die deze combinatie openlijk ter discussie stelt en, in veel gevallen, afwijst.
Toegegeven, niet iedereen is het eens over wat er precies gaat gebeuren. De leiders in Teheran lijken vastbesloten hun macht te behouden — sommige analisten zouden zeggen met de vastberadenheid van iemand die probeert een flatscreen uit het raam te houden tijdens een aardbeving. Tegelijkertijd zien oppositiegroepen en zelfs excentrieke kroonprinsen kansen voor verandering — met plannen voor referenda, parlementen en verkiezingen alsof we het over een zomerse gemeentevergadering hebben.
Het is grillig, het is pijnlijk en het is natuurlijk tragisch: honderdduizenden Iraniërs worden gevangen gezet, honderden gerapporteerde doden vallen en familieleden volgen de gebeurtenissen met geknepen handen — niet alleen in Teheran, maar ook in diaspora-gemeenschappen over de hele wereld.
En toch, tussen al die zwarte momenten door, huppelt daar een vreemd soort hoop. Als je ooit hebt geprobeerd een ingesleten gewoonte te veranderen — zoals 's ochtends op tijd opstaan of nooit meer tweede stuk taart pakken — dan weet je dat verandering vaak begint bij het doorbreken van een patroon. De Iraniërs doorbreken hun patroon van acceptatie: van economische stagnatie, politieke onderdrukking en sociale beknelling. Dit is alsof een hele natie besluit het collectieve snooze-knop-syndroom te beëindigen — en dat kan een revolutie betekenen.
Natuurlijk kunnen we niet met zekerheid voorspellen dat het islamisme in Iran morgen zijn hoed op zal hangen en er vandoor zal gaan. Wat we wel zien is iets wat op een kantelpunt lijkt: een generatie die weigert te fluisteren als de wind hun toekomst wegneemt. Het sacrale gemurmel transformeert langzaam in een krachtige roep om verandering. En als geschiedenis ons één ding heeft geleerd, dan is het dat zodra een volk zijn eigen narratief begint te herschrijven, geen internet-blackout dat kan tegenhouden — zelfs niet als ze tijdelijk hun wifi verliezen.
Dus ja: Iraniërs brengen een groot offer voor vrijheid. Hun nachten zijn korter, hun dagen zwaarder en hun humor soms droog — maar ironisch genoeg is het juist humor, verbonden met onwrikbare vastberadenheid, die deze beweging menselijk houdt. Als het islamisme inderdaad aan een einde komt, dan is het niet omdat iemand een grandioze plot-twist bedacht heeft, maar omdat gewone mensen besloten hebben dat ze hun leven terug willen — en dat is het vreemdste, mooiste, meest menselijke offer van allemaal.