vrijdag 17 juli 2015

Geloof mag beledigd worden

Wie kritiek heeft op godsdienst, ontmoet zo nu en dan iemand op z'n weg die, nogal afkeurend, zegt: "Misschien geloof je zelf niet in God, maar je kunt tenminste wat meer respect opbrengen voor gelovigen." En je bent misschien geneigd te denken: daar zit best wel iets in. Het kan geen kwaad om een beetje meer respect te tonen.

Immers, niemand vindt het leuk om recht in z'n gezicht verteld te krijgen dat zijn geloof een armetierige, zelfingebeelde nonsens, aanleiding tot het kwaad op wereldschaal en dat wat ze 'geloof' noemen slechts angst is verkleed als deugd en dat hun puberale geloofspunten een dwangbuis voor de hele mensheid opleveren. Daar wordt niemand echt blij van. Dus ja, misschien zou ik wat meer respect kunnen tonen. Maar het punt is dat ik eigenlijk geen enkel respect voor geloof voel. Ik heb het geprobeerd, echt waar, en het spijt me meer dan ik zeggen kan, maar het gevoel is er gewoon niet. Ik zou natuurlijk kunnen liegen tegen mezelf, en respect veinzen omwille van de gevoelens van gelovigen, en we weten allemaal hoe delicaat en gevoelig die zijn vandaag de dag, maar de wrede werkelijkheid is: hun gevoelens kunnen me helemaal niets schelen, niet eens een beetje.

En ik begrijp natuurlijk best dat dit zwaar op mijn geweten zou moeten drukken maar gelukkig weet mijn geweten vanzelf wanneer het geïntimideerd en gemanipuleerd wordt dus die kan het ook al helemaal niets schelen. Mijn geweten weet dat er geen aardse reden bestaat voor wie dan ook op deze planeet om godsdienst op welke manier dan ook respect te betuigen. Sterker nog, kijkend naar het bewijs dat godsdienst zelf geregeld in overmaat aanlevert, is er reden zat om godsdienst ernstig af te keuren, tot aan rechtstreekse beledigingen aan toe.

En eerlijk gezegd, het feit dat godsdienst zo weinig beledigd wordt vergeleken met wat het eigenlijk verdient, kan ik alleen maar toeschrijven aan de ongelooflijke tolerantie, zelfbeperking en gewoon goede manieren van atheïsten en secularisten wereldwijd. Dus, mocht je een religieus persoon zijn, en je bent geneigd om meer respect voor je geloof te verlangen, houd dan goed in gedachten dat jij en je geloof allang veel meer respect krijgen dan je ooit hebt verdiend. Je geloof is een grote grap. Jouw god is een grote grap. Hij is zo absurd dat hij zelfs een belediging vormt voor mensen die niet in hem geloven. En hij, en jij, moeten het allemaal nog maar bewijzen. Tot zo ver is er nooit enig bewijs getoond, en het is niet waarschijnlijk dat het ooit nog gebeurt, zoals we allemaal best weten, dus respect, ben ik bang, zit er niet in. Het beste waarop je mag hopen is geamuseerde scepsis en dat dan nog als ik in een goede bui ben.

Mensen zeggen dat je het geloof alleen werkelijk kunt begrijpen als je zelf gelooft en daaronder versta ik dat je je kritische denkvermogen hebt opgegeven en je zelfhypnose je heeft aangezet tot een geloof in een zooi fascistische nonsens over je eeuwigdurende ziel, ja, dan begrijp je het geloof werkelijk. Nou, dat wil ik wel geloven!

De verspreiders van het geloof stellen zichzelf graag buiten twijfel door te claimen dat hun geloof 'de rede overstijgt', precies datgene dus dat hen in twijfel trekt. Komt dat even goed uit. Ja, geloof overstijgt de rede zoals een crimineel de wet overstijgt. Het woord 'transcendent' is erg populair bij godsdienstverspreiders omdat ze nooit verantwoording afleggen over wat ze er mee bedoelen, behalve dan één of andere superieure staat van begrip die 'dieper' is dan louter rede, die dan weer wreed en simplistisch zou zijn, vergeleken met de subtiliteiten en diepzinnigheden van geloof zonder enig bewijs. Als je een ervaren geestelijke het woord 'transcendent' hoort zeggen (en echt, het zal je gebeuren) om de nonsens waarin hij zegt te geloven nader te verklaren, dan weet je twee dingen: Ten eerste, hij weet niet waarover hij praat en ten tweede, hij wil niet dat jij begrijpt waarover hij praat. Geloof overstijgt de rede helemaal niet. Geloof loopt om de rede heen. Geloof holt hard weg van de rede. Omdat de rede zijn knusse luchtbel van zelfbedrog bedreigt.

Als je gelovig bent, dan staat je geloof jou een aantal geloofsartikelen toe die absoluut nergens op slaan en je geloof weet dat het toch niet afgerekend wordt op of die ergens op slaan, maar op de mate van godsvrucht die jij vertoont ten aanzien van die geloofsartikelen.

Met andere woorden, jouw bereidheid om de werkelijkheid te ontkennen wordt de maat van jouw deugdzaamheid. Geen wonder dat religie zo populair is. Maar welke prijs betaal je voor die deugd. Je bent ertoe gebracht om te geloven dat je enige hoop het geloof in het onmogelijke is. Hoe is je dat ooit overkomen? En dat jouw doel is om iets te aanbidden dat je niet begrijpt, gedefinieerd door, en slechts toegankelijk door, zelfuitgeroepen tussenpersonen. Jouw gedachten, jouw woorden en jouw identiteit daarover beslis je niet langer zelf, maar ze zijn afhankelijk van de goedkeuring van hen die de baas over jou spelen door middel van je geloof. Dat zijn dus de mensen die zeiden dat er al bij je geboorte iets mis met je was (huh!) in een staat van zondigheid zelfs, een staat waarvan je alleen genezen kan worden door volledige onderwerping en gehoorzaamheid aan hen (verrassing?!; nee niet echt!) vanaf het moment dat je geboren werd tot het moment van je dood. En als dit alles je ego niet bepaald streelt (en waarom zou het?) wees dan gerust, dan geven we er een speciale naam aan waardoor je je beter voelt, en waardoor je je inbeeldt dat je nog iets van waardigheid over hebt. Laten we het 'geloof' noemen, en laten we doen alsof het de hoogste deugd is, de nobelste en diepste van alle deugden die er bestaan, en laten we doen alsof het 'van binnenuit' komt, terwijl we tegelijk weten dat helemaal niets met betrekking tot jouw godsdienst 'van binnenuit' mag komen want dat zou je kracht en vrijheid verlenen, precies de twee dingen die jouw godsdienst zo ver als mogelijk van je wil houden.

Geloof is de grip die de clerus over jou heeft. Het is het onzichtbare touw om je nek die je voortsleept op de weg die je van hen moet afleggen, in hun belang, niet het jouwe. Het is een doodlopend woord. Het is een zelfketenend woord. Het is een woord dat je doet geloven in datgene waarin men je wilt doen geloven, zonder dat je voelt dat je daartoe gedwongen bent - maar het is wel waar. En je kunt er mee stoppen wanneer je maar wilt. Het is geen deugd; dat is het op de allerlaatste plaats. Het is afstand doen van de werkelijkheid. Het is een domme vertoning van zelfhypnose. Het is een laffe uitweg. Het is goudgerande goedgelovigheid. En je er achter verschuilen is als voorwenden dat je invalide bent. Dus ik begrijp niet zo goed wat ik dan nog zou moeten respecteren. Het komt me voor dat ik één of andere moreel slangenmens zou moeten zijn om iets te respecteren dat zo schadelijk is, iets dat voor zijn bestaan afhangt van intellectuele zelfbeperking en dat de mensheid duidelijk in de verkeerde richting sleurt en ons onjuiste ideeën voert over onszelf en de aard van de werkelijkheid. Ik denk dat als ik dat respecteerde, ik nodeloos zou bijdragen aan de stupiditeit en domheid van het menselijk ras en dat zou ik niet graag op mijn geweten hebben. Sorry!

Peter Hoogstrate